genocide

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ge·no·ci·de
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘uitroeiing van een volk’ voor het eerst aangetroffen in 1950 [1]
  • van Engels genocide; op te vatten als gevormd uit Latijn genus "ras, soort" met het achtervoegsel -cide [2]
enkelvoud meervoud
naamwoord genocide genociden
genocides
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

genocide v

  1. stelselmatige uitroeiing van een ras of een volk
    • Het tribunaal werd opgericht voor de veroordeling van de leiders van de genocide. 
    1. (juridisch) "een van de volgende handelingen, gepleegd met de bedoeling om een nationale, etnische, godsdienstige groep, dan wel een groep, behorende tot een bepaald ras, geheel of gedeeltelijk als zodanig te vernietigen: het doden van leden van de groep; het toebrengen van ernstig lichamelijk of geestelijk letsel aan leden van de groep; het opzettelijk aan de groep opleggen van levensvoorwaarden die gericht zijn op haar gehele of gedeeltelijke lichamelijke vernietiging; het nemen van maatregelen, bedoeld om geboorten binnen de groep te voorkomen en het gewelddadig overbrengen van kinderen van de groep naar een andere groep." (definitie uit Verdrag inzake de voorkoming en de bestraffing van genocide op Wikipedia (nl) van de Verenigde Naties uit 1948)
Synoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

96 % van de Nederlanders
98 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen