gedaagde

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ge·daag·de
Woordherkomst en -opbouw

Deelwoord

gedaagde

  1. verbogen vorm van het voltooid deelwoord gedaagd van dagen
enkelvoud meervoud
naamwoord gedaagde gedaagden
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

gedaagde v / m [1]

  1. (juridisch) partij die gedaagd wordt in een proces
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
94 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen