eetlust

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • eet·lust
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord eetlust eetlusten
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

eetlust m

  1. de behoefte om voedsel tot zich te nemen
    • Het zien van al dat bloed bedierf zijn eetlust. 
     Mijn eetlust was even helemaal weg en ik liftte weer terug naar Kennedy Meadows.[1]
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[2]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Tim Voors “Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers op Wikipedia
  2. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be