dubbelzinnigheid
Uiterlijk

- Geluid: dubbelzinnigheid (hulp, bestand)
- IPA: /dʏbəl'zɪnəxhɛit/
- dub·bel·zin·nig·heid
- afleiding van dubbelzinnig met het achtervoegsel -heid
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | dubbelzinnigheid | dubbelzinnigheden |
| verkleinwoord | dubbelzinnigheidje | dubbelzinnigheidjes |
de dubbelzinnigheid v
- iets dat op meerdere manieren te interpreteren is
- Eigenlijk is 5200 woorden een uit de hand gelopen taalspelletje. In een virtuoze, soms oeverloze monoloog rijgt Gençboyaci associatief zinnen aan elkaar en toont de dubbelzinnigheid van taal. [1]
- met een obscene bijbedoeling of betekenis
- De Nederlandse alcoholbranche heeft een klacht ingediend tegen Neuken Liqueur, een alcoholisch drankje op basis van rode wodka en frambozen. Branchevereniging Spirits NL en de Stichting Verantwoorde Alcoholconsumptie (STIVA) vallen over de dubbelzinnige reclameslogans van het bedrijf.[2]
- [1] meerduidigheid, ambiguïteit
- [2] toespeling, gewaagdheid
- Het woord dubbelzinnigheid staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- Zie Wikipedia voor meer informatie.