dieptepunt

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • diep·te·punt
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord dieptepunt dieptepunten
verkleinwoord dieptepuntje dieptepuntjes

Zelfstandig naamwoord

dieptepunt o [1]

  1. laagste punt (ook (figuurlijk))
  2. moment waarop iets het slechtst is
    De populariteit van de president bereikte een nieuw dieptepunt in de peilingen.
Antoniemen
Verwijzingen
  1. Woordenboek der Nederlandse taal