cyberaanval
Uiterlijk
- Geluid: cyberaanval (hulp, bestand)
- IPA: / 'sɑjbəranvɑl / (4 lettergrepen)
- cy·ber·aan·val
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | cyberaanval | cyberaanvallen |
| verkleinwoord | cyberaanvalletje | cyberaanvalletjes |
de cyberaanval m
- (informatica) aanval uitgevoerd (door hackers) op een informatiesysteem
- 8,3 procent van cyberaanvallen wordt verstuurd vanuit Nederland[1]
- Hackersgroep Anonymous heeft vrijdag nieuwe cyberaanvallen op de Russische regering uitgevoerd. Daarbij werden gegevens van het Russische ministerie van defensie online gezet.[2]
- Twee grote telescopen in Chili en Hawaï zijn al ruim een maand uitgeschakeld door een cyberaanval. Enkele kleinere telescopen in Chili zijn uit voorzorg offline gehaald. Astronomen lopen hierdoor waardevolle observatietijd mis.[3]
- In de afgelopen twee jaar is er een enorme piek geweest in het aantal cyberaanvallen in de energiesector. Het zijn er tien tot twintigmaal zoveel als vóór de inval van Rusland in Oekraïne. Criminelen die geld willen verdienen met gijzelsoftware zijn niet specifiek geïnteresseerd in de energiesector, maar staten als Rusland en China wel.[4]
- Het woord cyberaanval staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 11
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 4 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Bezieldheid: niet geanimeerd
- Metadomein: abstract
- Voorvoegsel cyber- in het Nederlands
- Informatica in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal