consult

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • con·sult
enkelvoud meervoud
naamwoord consult consulten
verkleinwoord consultje consultjes

Zelfstandig naamwoord

consult o

  1. (medisch) (juridisch) een advies van een arts of rechtsgeleerde
    Hij ging naar het consult dat hij had afgesproken met de arts.
Synoniemen
Vertalingen


Engels

Uitspraak
vervoeging
onbepaalde wijs to consult
he/she/it consults
verleden tijd consulted
voltooid
deelwoord
consulted
onvoltooid
deelwoord
consulting
gebiedende wijs consult

Werkwoord

consult

  1. raadplegen