chocoladepasta

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Jump to search

Nederlands

chocoladepasta
Uitspraak
Woordafbreking
  • cho·co·la·de·pas·ta
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord chocoladepasta chocoladepasta's
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

chocoladepasta, m.

  1. (voeding) broodbeleg: smeerbaar chocolademengsel, choco (Vlaams)
    • - De Franse minister Ségolène Royal heeft sorry gezegd voor haar oproep aan het Franse volk om te stoppen met het eten van Nutella. Royal deed dat eerder deze week, omdat de productie van het broodbeleg slecht zou zijn voor het milieu. Volgens Royal wordt kostbaar oerwoud gekapt om de palmolie te produceren voor het product van producent Ferrero. Haar Italiaanse collega-minister zei daarop tegen Royal dat ze af moest blijven van Italiaanse producten. Waarschijnlijk komt de chocoladepasta zondag ter sprake als de Italiaanse premier Matteo Renzi de Franse president François Hollande ontmoet in Milaan.[1] 
Verwante begrippen
Vertalingen

Meer informatie

Gangbaarheid

Verwijzingen

  1. ANP NRC 18 juni 2015