chocolatier

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • cho·co·la·tier
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord chocolatier chocolatiers
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

chocolatier m

  1. (beroep) Bereider of handelaar in chocolade en chocoladeartikelen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

96 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.

Verwijzingen