boekenbal

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • boe·ken·bal
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord boekenbal boekenbals
verkleinwoord boekenballetje boekenballetjes

Zelfstandig naamwoord

boekenbal o

  1. (cultuur) jaarlijkse bijeenkomst van personen die met boeken te maken hebben (schrijvers, uitgevers, handelaren) bij de opening van de Boekenweek

Gangbaarheid

97 % van de Nederlanders;
70 % van de Vlamingen.[1]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be