blijvend

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • blij·vend
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen blijvend blijvender blijvendst
verbogen blijvende blijvendere blijvendste
partitief blijvends blijvenders -

Bijvoeglijk naamwoord

blijvend

  1. wat niet weggaat of verdwijnt
    • Hij is een blijvende waarde voor het Nederlandse elftal. 
    • Het is fijn om iets blijvends te maken. 
Synoniemen
Antoniemen

Werkwoord

vervoeging van
blijven

blijvend

  1. onvoltooid deelwoord van blijven

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.