biochemicus
Uiterlijk
- Geluid: biochemicus (hulp, bestand)
- IPA: / ˌbijoˈxemiˌkʏs / (5 lettergrepen)
- bio·che·mi·cus
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | biochemicus | biochemici |
| verkleinwoord | biochemicusje | biochemicusjes |
de biochemicus m
- (beroep) een wetenschapper die de biochemie beoefent
1. een wetenschapper die de biochemie beoefent
- Het woord biochemicus staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 11
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 5 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Voorvoegsel bio- in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Beroep in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal