bijenhouder

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Jump to search
Een bijenhouder.

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • bij·en·hou·der
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord bijenhouder bijenhouders
verkleinwoord bijenhoudertje bijenhoudertjes

Zelfstandig naamwoord

bijenhouder m

  1. (beroep) iemand die bijen houdt voor het verkrijgen van honing
Synoniemen
Vertalingen

Meer informatie

Gangbaarheid