bebaard
Uiterlijk
- be·baard
- pseudodeelwoord afgeleid van baard zn met het omvoegsel be- -d
| stellend | vergrotend | overtreffend | |
|---|---|---|---|
| onverbogen | bebaard | bebaarder | bebaardst |
| verbogen | bebaarde | bebaardere | bebaardste |
| partitief | bebaards | bebaarders | - |
bebaard
- voorzien van een (lange) baard
- Kapitein Haddock is een stoere, bebaarde zeeschuimer.
1. voorzien van een (lange) baard
- Het woord bebaard staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "bebaard" herkend door:
| 92 % | van de Nederlanders; |
| 87 % | van de Vlamingen.[1] |
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 7
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 2 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Pseudodeelwoorden in het Nederlands
- Omvoegsel be- -d in het Nederlands
- Bijvoeglijk naamwoord in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 92 %
- Prevalentie Vlaanderen 87 %