albatrossen

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • al·ba·tros·sen

Zelfstandig naamwoord

albatrossen mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord albatros


Noors

Uitspraak
Woordafbreking
  • alba·tros·sen
Naar frequentie 56713

Zelfstandig naamwoord

albatrossen

  1. nominatief bepaald mannelijk enkelvoud van albatross


Nynorsk

Uitspraak
Woordafbreking
  • alba·tros·sen

Zelfstandig naamwoord

albatrossen

  1. nominatief bepaald mannelijk enkelvoud van albatross