afmeten

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • af·me·ten
Woordherkomst en -opbouw
  • Samenstelling van meten met het voorvoegsel af-
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
afmeten
mat af
afgemeten
klasse 5 volledig

Werkwoord

afmeten

  1. (overgankelijk) door meting een bepaalde hoeveelheid van een voorraad afzonderen
    Ik heb daarvan 100 milligram afgemeten en in water opgelost.
  2. (overgankelijk) ~ aan als maatstaf voor iets gebruiken
    Dit valt af te meten aan de hoogte van de golfslag die erdoor veroorzaakt wordt.