aanmoediging

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • aan·moe·di·ging
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord aanmoediging aanmoedigingen
verkleinwoord aanmoedigingetje aanmoedigingetjes

Zelfstandig naamwoord

aanmoediging v

  1. het inspreken van moed
    • Gelukkig kreeg de neergevallen bokser een aanmoediging van de kant en ging het daarna beter. 
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.