Dezember

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Jump to search

Duits

Uitspraak

Zelfstandig naamwoord

Dezember m

  1. december


Maanden in het Duits
Januar
januari
Februar
februari
März
maart
April
april
Mai
mei
Juni
juni
Juli
juli
August
augustus
September
september
Oktober
oktober
November
november
Dezember
december



Luxemburgs

Zelfstandig naamwoord

Dezember m

  1. december


Maanden in het Luxemburgs
Januar
januari
Februar
februari
Mäerz
maart
Abrëll
april
Mee
mei
Juni
juni
Juli
juli
August
augustus
September
september
Oktober
oktober
November
november
Dezember
december



Pennsylvania-Duits

Uitspraak
Woordafbreking
  • De·zem·ber
enkelvoud
(onbepaald)
enkelvoud
(bepaald)
meervoud
(onbepaald)
meervoud
(bepaald)
nominatief en Dezember der Dezember
datief me Dezember em Dezember
accusatief en Dezember der Dezember

Zelfstandig naamwoord

Dezember, m

  1. (tijdrekening) december
    «Der Belsnickel kummt uff em 24. Dezember un er bringt Sache fer die Kinner.»
    De Belsnickel komt op 24 december en brengt dingen voor de kinderen.
Schrijfwijzen
Holoniemen
Meroniemen
Verwante begrippen
Maanden in het Pennsylvania-Duits
Yenner Hanning Matz Abril
Abrill
Moi Tschunn
Tschuun
Tschulei Aagscht
Augscht
Auguscht
September Oktower Nofember
November
Dezember
Diesember
Disember
januari februari maart april mei juni juli augustus september oktober november december
Opmerkingen