wegzuigen/vervoeging
Uit WikiWoordenboek
| vervoeging van de bedrijvende vorm van wegzuigen | |||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| tegenwoordige tijd | verleden tijd | toekomende tijd | |||||||||
| enkelvoud | meervoud | enkelvoud | meervoud | enkelvoud | meervoud | ||||||
| ik | zuig weg, (bijzin) wegzuig |
wij, we | zuigen weg, (bijzin) wegzuigen |
ik | zoog weg, (bijzin) wegzoog |
wij, we | zogen weg, (bijzin) wegzogen |
ik | zal wegzuigen | wij, we | zullen wegzuigen |
| jij, je, u gij, ge |
zuigt weg, (bijzin) wegzuigt |
jullie | zuigen weg, (bijzin) wegzuigen |
jij, je, u gij, ge |
zoog weg, (bijzin) wegzoog |
jullie | zogen weg, (bijzin) wegzogen |
jij, je, u gij, ge |
zal, zult wegzuigen zult wegzuigen |
jullie | zullen wegzuigen |
| hij, zij, het | zuigt weg, (bijzin) wegzuigt |
zij, ze | zuigen weg, (bijzin) wegzuigen |
hij, zij, het | zoog weg, (bijzin) wegzoog |
zij, ze | zogen weg, (bijzin) wegzogen |
hij, zij, het | zal wegzuigen | zij, ze | zullen wegzuigen |
| onvoltooid deelwoord | voltooide tijd | gebiedende wijs | aanvoegende wijs | ||||||||
| wegzuigend | weggezogen hebben | zuig weg, zuigt weg | zuige weg (bijzin) wegzuige |
||||||||