verordenen
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- ver·or·de·nen
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| verordenen |
verordende |
verordend |
| zwak -d | volledig | |
Werkwoord
verordenen
- (inergatief) een bepaalde regeling opleggen
- Er werd door de bezetter verordend dat alle radio's ingeleverd moesten worden.