verordenen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·or·de·nen
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
verordenen
verordende
verordend
zwak -d volledig

Werkwoord

verordenen

  1. (inergatief) een bepaalde regeling opleggen
    Er werd door de bezetter verordend dat alle radio's ingeleverd moesten worden.
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen