voorschrijven
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- voor·schrij·ven
Woordherkomst en -opbouw
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| voorschrijven |
schreef voor |
voorgeschreven |
| klasse 1 | volledig | |
Werkwoord
voorschrijven
- (ditransitief) een schriftelijke opdracht geven
- Hij schreef hun dit voor.
- Er werd hem voorgeschreven dat hij dit dagelijks moest doen.
Vertalingen
1. een schriftelijke opdracht geven