sommeren
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- som·me·ren
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| sommeren |
sommeerde |
gesommeerd |
| zwak -d | volledig | |
Werkwoord
sommeren
- (overgankelijk) met authoriteit een bevel geven
- In 1986 werden de eigenaars van de strandhutten gesommeerd om per oktober hun hutten te ontruimen en af te breken.
- (overgankelijk) (wiskunde) een aantal grootheden optellen