stap
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- stap
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | stap | stappen |
| verkleinwoord | stapje | stapjes |
Zelfstandig naamwoord
stap m
- het plaatsen van de ene voet voor de andere bij het gaan
- Door zijn stap te vergroten ging hij sneller lopen.
- een kleine beweging naar een bepaald doel
- Het is afwachten tot iemand de eerste stap zet om te komen tot vrede.
Synoniemen
- [1] pas
Vertalingen
1. het plaatsen van de ene voet voor de andere bij het gaan
Werkwoord
| vervoeging van |
|---|
| stappen |
stap