rij
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Lettergrepen
- rij
Zelfstandig naamwoord
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | rij | rijen |
| verkleinwoord | rijtje | rijtjes |
rij de
- geordende opstelling van een aantal eenheden in één richting
- we stonden drie uur in de rij voor we de tentoonstelling binnen mochten

