puzzel
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- puz·zel
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | puzzel | puzzels |
| verkleinwoord | puzzeltje | puzzeltjes |
Zelfstandig naamwoord
puzzel m
- een raadsel of moeilijke opgave die men als tijdverdrijf probeert op te lossen
- Hij heeft al veertien puzzels gemaakt uit dat puzzelboekje.
Verwante begrippen
- puzzelaar, puzzelen, puzzelwoordenboek, puzzelboek, doorloper, kruiswoordpuzzel, woordzoeker, cryptogram, sudoku, kruissompuzzel, kakuro, takuzu, binaire puzzel, cijfercode, Zweedse puzzel
Vertalingen
1. een raadsel of moeilijke opgave die men als tijdverdrijf probeert op te lossen
Werkwoord
| vervoeging van |
|---|
| puzzelen |
puzzel