ouder
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
- Geluid: Bestand bestaat nog niet. Aanmaken?
- IPA:
- (Noord-Nederland): /ˈʌʊ̯.dər/, (nevenuitspraak als bijvoeglijk naamwoord) /ˈʌʊ̯.β̞ər/
- (Vlaanderen, Brabant): /ˈɔʊ̯.dər/
- (Limburg): /ˈaʊ̯.dər/
Woordafbreking
- ou·der
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | ouder | ouders |
| verkleinwoord | oudertje | oudertjes |
Zelfstandig naamwoord
ouder m
- (familie) de moeder of vader van een kind
Hyponiemen
Vertalingen
1. de moeder of vader van een kind
Afgeleide begrippen
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
Bijvoeglijk naamwoord
ouder
- onverbogen vorm van de vergrotende trap van oud