object

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ob·ject
enkelvoud meervoud
naamwoord object objecten
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

object o

  1. voorwerp dat fysiek bestaat
  2. (grammatica) voorwerp
  3. (filosofie) entiteit die behandeld wordt en waarvan het bestaan onafhankelijk wordt geacht van het subject
  4. (informatica) in objectgeoriënteerd programmeren: een component die gegevens en/of programmacode bevat
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Meer informatie


Engels

Uitspraak
enkelvoud meervoud
object objects

Zelfstandig naamwoord

object

  1. voorwerp, object
  2. grammaticaal voorwerp
vervoeging
onbepaalde wijs to object
he/she/it objects
verleden tijd objected
voltooid
deelwoord
objected
onvoltooid
deelwoord
objecting
gebiedende wijs object

Werkwoord

object

  1. protesteren, bezwaar maken, zich verzetten
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen