nauw

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • nauw
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen nauw nauwer nauwst
verbogen nauwe nauwere nauwste

Bijvoeglijk naamwoord

nauw

  1. een geringe breedte hebbend
Vertalingen

Zelfstandig naamwoord

nauw o

  1. zeeëngte
    De schepen passeerden het Nauw van Calais.
  2. knel, nood
    Wij kwamen in het nauw toen de benzine opraakte.
Spreekwoorden
  1. «Een kat in het nauw maakt vreemde sprongen.»
    Een noodsituatie leidt tot onvoorspelbaar gedrag.