bewaren

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • be·wa·ren
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
bewaren
bewaarde
bewaard
zwak -d volledig

Werkwoord

bewaren

  1. (overgankelijk) ervoor zorgen dat iets niet verloren raakt
    Hij bewaarde de papieren van de werkgever.
Vertalingen