kwijtraken
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
- Geluid: kwijtraken (hulp, bestand)
- IPA: /ˈkʋɛːtrakə(n)/
Woordafbreking
- kwijt·ra·ken
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| kwijtraken |
raakte kwijt |
kwijtgeraakt |
| zwak -t | volledig | |
Werkwoord
kwijtraken
- (ergatief) verloren gaan
- Als je het niet opbergt, raakt het vast kwijt.
- (ergatief) niet meer weten waar iets is
- Ik ben m'n paspoort kwijtgeraakt.
Opmerkingen
- Hoewel het werkwoord ergatief is en met zijn vervoegd wordt, regeert het een voorwerp, dat echter eerder als oorzakelijk dan als lijdend gezien moet worden. Een omzetting naar een lijdende vorm is niet mogelijk.
Synoniemen
- (informeel) kwijtspelen
- verliezen