aalmoes
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- aal·moes
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | aalmoes | aalmoezen |
| verkleinwoord | aalmoesje | aalmoesjes |
Zelfstandig naamwoord
aalmoes v
- liefdegift aan een behoeftige; kleine gift aan een bedelaar
- minachtend gebruikt voor: uit de hoogte toegeworpen gave of gunst
Afgeleide begrippen
- almoezenier, m. (-s, -en), aalmoezenierschap, o., aalmoezeniershuis, o. (...huizen), aalmoezenierskamer, v. (m.) (-s)
Spreekwoorden
- aalmoezen geven verarmt niet
- "door weldoen werkt men aan zijn heil"
- men zou hem een aalmoes geven
- "gezegd van iemand die er zeer armoedig uitziet"
Vertalingen
1. liefdegift aan een behoeftige
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
Afrikaans
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | aalmoes | aalmoese |
Zelfstandig naamwoord
aalmoes