-heid
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
-
- IPA : /-ɦɛjt/
Achtervoegsel
| Huidig bestand |
|---|
| 15 |
-heid /-.ɦɛjt/ v (meervoud -heden /-ɦe.dəⁿ/)
- Achtervoegsel van hoedanigheid dat van een bijvoeglijk een vrouwelijk zelfstandig naamwoord maakt
Woordherkomst en -opbouw
- Van het proto-Germaans *khaidus « eer, waardigheid van ».
- Het woord is allengs tot achtervoegsel geworden en heeft daarbij zijn oorspornkelijke betekenis verloren.
- Zie ook

