zwavelzuur

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • zwa·vel·zuur
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord zwavelzuur -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

zwavelzuur o

  1. (scheikunde) een sterk zuur bestaande uit zwavel, waterstof en zuurstof met een wateronttrekende en bijtende werking
    • Toen de leerling het potje met zwavelzuur over zijn been liet vallen, spoelde de leraar het bijtende spul meteen met overvloedig water af. 
Synoniemen
Verwante begrippen
Vertalingen

Meer informatie

Gangbaarheid