zegswijze

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • zegs·wij·ze
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord zegswijze zegswijzen
verkleinwoord zegswijzetje zegswijzetjes

Zelfstandig naamwoord

zegswijze v / m

  1. (taalkunde) een vaste idiomatische verbinding met een figuurlijke betekenis, waarvan de persoonsvorm en het onderwerp veranderlijk zijn (itt spreekwoorden)
    • Wat is het verschil tussen een spreekwoord, een zegswijze en een gezegde?[1] 
Vertalingen

-->

Synoniemen

Gangbaarheid

96 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen