wijnbouw

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • wijn·bouw
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord wijnbouw -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

wijnbouw m

  1. (oenologie) het verbouwen van druiven voor de productie van wijn
    • Behalve Zuid-Limburg ligt Nederland te noordelijk voor serieuze wijnbouw. 
Vertalingen

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie