wiegelied

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • wie·ge·lied
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord wiegelied wiegeliederen
verkleinwoord wiegeliedje wiegeliedjes

Zelfstandig naamwoord

wiegelied o

  1. liedje bij het wiegen gezongen, om een kind in slaap te sussen
Synoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

91 % van de Nederlanders;
92 % van de Vlamingen.[1]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be