vraagteken

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • vraag·te·ken
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord vraagteken vraagtekens
verkleinwoord vraagtekentje vraagtekentjes

Zelfstandig naamwoord

vraagteken o

  1. (taalkunde) een leesteken (?) dat men aan het eind van een zin plaatst om deze vragend te maken
    • Hij snapte die opdracht niet, dus zette hij er een paar vraagtekens bij. 
  2. twijfels hebben bij
    • Hij zette vraagtekens bij de verklaring van de getuige. 
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie