vogelpest

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • vo·gel·pest
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord vogelpest -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

vogelpest v / m

  1. virusziekte die vooral bij hoenderachtige vogels voorkomt
Hyponiemen
Synoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie