velja

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Faeröers

Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Oudnoorse velja.

Werkwoord

velja

  1. kiezen


IJslands

Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Oudnoorse velja.
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden tijd voltooid deelwoord
(supinum)
3e pers enk. 1e pers mv.
velja valdi völdum valið
volledig

Werkwoord

velja

  1. kiezen


Nynorsk

Uitspraak
Woordafbreking
  • vel·ja
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Oudnoorse werkwoord velja.
stamtijd
onbepaalde
wijs
tegenwoordige
tijd
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
velja
vel
valde
valt
Klasse 4 zwak
stamtijd
onbepaalde
wijs
tegenwoordige
tijd
verleden
tijd
voltooid
deelwoord


valte
vald
Klasse 4 zwak bijvormen

Werkwoord

velja

  1. overgankelijk kiezen, verkiezen
  2. overgankelijk kiezen, verkiezen, stemmen
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Uitdrukkingen en gezegden

[1] velja eit yrke

  • een beroep kiezen
Vaste voorzetsels
  • velja bort
  • velja ut

Werkwoord

velja bort

  1. overgankelijk deballoteren, laten vallen

Werkwoord

velja ut

  1. overgankelijk selecteren, uitkiezen, uitzoeken
Synoniemen


Oudnoords

Woordafbreking
  • vel·ja
stamtijd
onbepaalde
wijs
tegenwoordige
tijd
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
velja
velr
valdi
valt
Klasse 2 zwak volledig

Werkwoord

velja

  1. kiezen, verkiezen
Schrijfwijzen