update

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • up·date
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Engels.
enkelvoud meervoud
naamwoord update updates
verkleinwoord updateje updatejes

Zelfstandig naamwoord

update m

  1. (informatica) een gemoderniseerde versie van een computerprogramma
    Er is een update voor dit programma beschikbaar. Wilt u deze nu downloaden?
Vertalingen

Werkwoord

vervoeging van
updaten

update

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van updaten
    Ik update.
  2. gebiedende wijs van updaten
    Update!
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van updaten
    Update je?
  4. aanvoegende wijs van updaten

Meer informatie


Engels

Uitspraak
enkelvoud meervoud
update updates

Zelfstandig naamwoord

update

  1. (informatica) update
vervoeging
onbepaalde wijs to update
he/she/it updates
verleden tijd updated
voltooid
deelwoord
updated
onvoltooid
deelwoord
updating
gebiedende wijs update

Werkwoord

update

  1. updaten