update

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • up·date
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Engels.
enkelvoud meervoud
naamwoord update updates
verkleinwoord updateje updatejes

Zelfstandig naamwoord

update m

  1. (informatica) een gemoderniseerde versie van een computerprogramma
    • Er is een update voor dit programma beschikbaar. Wilt u deze nu downloaden? 
Vertalingen

Werkwoord

vervoeging van
updaten

update

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van updaten
    • Ik update. 
  2. gebiedende wijs van updaten
    • Update! 
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van updaten
    • Update je? 
  4. aanvoegende wijs van updaten

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders
96 % van de Vlamingen.

Meer informatie


Engels

Uitspraak
enkelvoud meervoud
update updates

Zelfstandig naamwoord

update

  1. (informatica) update
vervoeging
onbepaalde wijs to update
he/she/it updates
verleden tijd updated
voltooid
deelwoord
updated
onvoltooid
deelwoord
updating
gebiedende wijs update

Werkwoord

update

  1. updaten