Naar inhoud springen

tripartite

Uit WikiWoordenboek
  • tri·par·ti·te
enkelvoud meervoud
naamwoord tripartite tripartites
verkleinwoord - -

detripartitev

  1. (België) driepartijenregering
45 %van de Nederlanders;
78 %van de Vlamingen.[1]
  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
  • tri·par·tite (afbreking leidend tot een of twee tekens aan het begin van een regel wordt ontraden)[1]
  enkelvoud meervoud
  mannelijk   tripartite tripartites
  vrouwelijk   tripartite tripartites

tripartite m en v

  1. tripartiet