struikgewas
Uiterlijk
- Geluid: struikgewas (hulp, bestand)
- IPA: / ˈstrœykxəˌwɑs / (3 lettergrepen)
- struik·ge·was
- samenstelling van struik en gewas
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | struikgewas | struikgewassen |
| verkleinwoord | struikgewasje | struikgewasjes |
het struikgewas o
- (plantkunde) begroeiing die bestaat uit bij elkaar staande planten met houtige stengels die zich al direct boven de grond vertakken
- De bal verdween in het struikgewas.
- ▸ Waakzaam schoten mijn ogen alle kanten op, speurend naar verborgen slangen in het struikgewas.[1]
- Het woord struikgewas staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "struikgewas" herkend door:
| 99 % | van de Nederlanders; |
| 100 % | van de Vlamingen.[2] |
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑ Tim Voors“Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers

- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 11
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 3 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Samenstelling in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Plantkunde in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 99 %
- Prevalentie Vlaanderen 100 %