stratosfeer
Uiterlijk
- Geluid: stratosfeer (hulp, bestand)
- stra·to·sfeer
- Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘bovenste deel van de atmosfeer’ voor het eerst aangetroffen in 1914 [1]
- Samenstelling van strato (van het Latijnse woord stratum (laag)) en sfeer [2]
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | stratosfeer | - |
| verkleinwoord | stratosfeertje | - |
- (aardrijkskunde) bovenste deel van de atmosfeer (tussen de troposfeer en de mesosfeer)
- Het woord stratosfeer staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "stratosfeer" herkend door:
| 92 % | van de Nederlanders; |
| 93 % | van de Vlamingen.[4] |
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑ "stratosfeer" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
- ↑ stratosfeer op website: Etymologiebank.nl
- ↑ Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be