sorteren

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Jump to search

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • sor·te·ren
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘uitzoeken’ voor het eerst aangetroffen in 1599 [1]
  • afgeleid van het Franse assortir (met het achtervoegsel -eren) [2] [3]
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
sorteren
sorteerde
gesorteerd
zwak -d volledig

Werkwoord

sorteren

  1. overgankelijk orde in een verzameling aanbrengen door soort bij soort te leggen
    • De eieren worden naar gewicht gesorteerd. 
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen