slaapzak

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • slaap·zak
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord slaapzak slaapzakken
verkleinwoord slaapzakje slaapzakjes

Zelfstandig naamwoord

slaapzak m

  1. Een slaapzak wordt gevormd door een grote, doorstikte deken, die vaak door middel van een rits om het lichaam heen te sluiten is. In de dan gevormde zak kan men slapen, in plaats van onder een deken
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie