sinaasappelsap

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Sinaasappelsap.

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • si·naas·ap·pel·sap
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord sinaasappelsap sinaasappelsappen
verkleinwoord sinaasappelsapje sinaasappelsapjes

Zelfstandig naamwoord

sinaasappelsap o

  1. (drinken) een vruchtensap dat uit sinaasappels bereid is
Hyperoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie