sheriff

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • she·riff
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘hoofd van politie’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1824 [1]
enkelvoud meervoud
naamwoord sheriff sheriffs
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

sheriff m

  1. (juridisch) provinciaal rechter in Engeland
  2. hoofd van de politie van een gewest in de Verenigde Staten
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

92 % van de Nederlanders
87 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen