samenkomst

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • sa·men·komst
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord samenkomst samenkomsten
verkleinwoord samenkomstje samenkomstjes

Zelfstandig naamwoord

samenkomst v

  1. bijeengekomen mensen
Verwante begrippen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.