realiteit

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • re·a·li·teit
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord realiteit realiteiten
verkleinwoord (realiteitje) (realiteitjes)

Zelfstandig naamwoord

realiteit v

  1. werkelijkheid
    De bittere realiteit is dat de oorlog een grote chaos veroorzaakt heeft.
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen
Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl

Meer informatie