pus

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • pus
enkelvoud meervoud
naamwoord pus -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

pus o en m

  1. wittig vocht met witte bloedlichaampjes en bacteriën dat bij een ontsteking afgescheiden wordt
    Enkele dagen na de valpartij kwam er pus uit de wond.
Synoniemen
Vertalingen

Werkwoord

vervoeging van
pussen

pus

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van pussen
    Ik pus.
  2. gebiedende wijs van pussen
    Pus!
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van pussen
    Pus je?